De organisaties die toetreden tot de Handvestgroep onderschrijven het uitgangspunt dat ze zich, naast de verantwoording aan de minister, ook willen verantwoorden aan klanten en samenleving. Daarnaast onderschrijven de organisaties de code goed bestuur. Organisaties die willen toetreden tot de Handvestgroep moeten dan ook de wil en de (politiek-bestuurlijke) ruimte hebben om aan beide aspecten invulling te geven. In de notitie criteria nieuwe toetreders wordt nader op deze, en andere aspecten met betrekking tot het profiel van deelnemende organisaties ingegaan.

Publiek verantwoorden is een leerproces. Een proces dat start met een zelfevaluatie van een ZBO waarin op een viertal thema's (kwaliteit, prijs/prestatie, transparantie en responsief handelen/participatie) de positie voor de eigen organisatie wordt bepaald. Deze positiebepaling doet recht aan het ontwikkelperspectief van de organisatie in de eigen maatschappelijke omgeving. Tevens wordt bij het opstellen van de positiebepaling ruimte gelaten voor diversiteit en ontwikkeling ten opzichte van het Handvest en de doelen die de organisaties zichzelf stellen in relatie tot het Handvest.

Een onafhankelijk Visitatiecollege bezoekt de organisatie en beoordeelt op basis van verkregen informatie de ontwikkeling van het ZBO en adviseert over de gewenste leercurve. In de daaropvolgende jaren geeft de gevisiteerde organisatie invulling aan de leercurve, waarna het College (tenminste eens in de vier jaar) de organisatie weer bezoekt om vast te stellen in welke mate de ambities van de organisatie worden waargemaakt.

Het Visitatiecollege legt zijn bevindingen vast in een rapportage die wordt aangeboden aan de Handvestgroep Publiek Verantwoorden. Het Visitatiecollege bestaat uit Roel in 't Veld, Harm Bruins Slot, Peter van Zunderd, en Kete Kervezee. Het College wordt ondersteund in zijn werkzaamheden door een secretaris, zijnde Kaspar van den Ham. De Handvestgroep draagt zorg voor verspreiding van en communicatie over de rapportage.